Het Nederlandse paspoort

Een paspoort is op de eerste plaats een reisdocument.

Het boekje heeft 34 bladzijden. Het bevat een pasfoto en een chip met daarin o.a. (sinds 21 september 2009) je vingerafdrukken. Moeilijk vervalsbaar dus.

Het is sinds maart 2014 tien jaar geldig (daarvoor vijf).

Hoe kom je eraan?

Je kan het document alleen maar aanvragen bij de gemeente waar je woont en je moet zelf naar het gemeentehuis gaan.

Dit heb je nodig:

Je kan je paspoort na vijf werkdagen ophalen.

Wat kost ie?

Dit jaar kost hij maximaal € 64,44 (€ 51,20 als je nog jonger dan 18 jaar bent).

Vraag je dus af of je hem echt nodig hebt. Als je niet van plan bent om naar landen buiten Europa te reizen heb je hem waarschijnlijk helemaal niet nodig.

Voor de wettelijke identificatieplicht en het reizen naar een groot aantal Europese landen volstaat een identiteitskaart.

Spoed

Heb je het paspoort binnen een week al nodig? Dan kan je met spoed je paspoort aanvragen, en is hij er (meestal!) de volgende dag al. Dit is wel een duur grapje: er komt al gauw €50 bij je paspoort-prijs op.

Wat kan je ermee?

Met je nieuwe paspoort kan je naar alle landen van de wereld reizen. Voor sommige landen (China bijv.) heb je ook nog een visum nodig.

Bovendien is het paspoort geschikt voor alle situaties waarin je je moet legitimeren. Bij een nieuwe werkgever bijvoorbeeld, bij de politie, bij de bank, bij het aanvragen van een uitkering, etc.